Actie: Peanuts voor werknemers (persbericht)

Op 1 mei kleuren de straten rood. Animo Gent, de Gentse jongerenorganisatie van Sp.a, deelt die dag ‘peanuts’ uit tijdens de 1 mei-optocht. Want dat is wat de werknemers mogen verwachten van het kapitalistische systeem, vandaag en morgen.
Dit staat in schril contrast met de sterk gestegen toplonen van managers. De kloof tussen toplonen en de lonen wordt steeds groter en dat is sociaal onrechtvaardig. Wie hard werkt, mag gerust veel verdienen. Maar welke manager kan beweren dat hij tot 400 keer harder werkt dan zijn werknemers?
“Het casinokapitalisme, de bonuscultuur en het kortetermijndenken veroorzaakten een economische crisis. Gewone mensen verliezen hun job of moeten financieel inleveren”, kaart voorzitter Hendrik Van Steenbrugge de situatie aan. “Bij de bazen is het echter alweer ‘bussiness as usual’. De lonen van de managers van de BEL-20 bedrijven stegen gemiddeld 23,4% in tijden van crisis! En dit terwijl een jonge generatie, die geen schuld treft, deze crisis nog jaren zal afbetalen.”
De jachtige bonuscultuur leidt tot een kortetermijnvisie, die crisissen en ontslagen veroorzaakt. Een groot deel van de toplonen blijft dan nog eens onbelast. Ongehoord, vindt Animo Gent. Wij willen niet leven met het hebzuchtige kapitalisme van gisteren, maar wensen de rechtvaardige sociale economie van morgen.
Daarom pleiten wij voor:
- Een duidelijk wettelijk kader met een grote transparantie voor toplonen.
- Een plafond op de toplonen
- Een rechtvaardige belasting op topinkomens
- Duidelijke voorwaarden voor het toekennen van bonussen
- Een uitgestelde betaling van bonussen, die pas integraal uitgekeerd mogen worden na het doorlopen van een bepaalde termijn
De 1 mei-stoet start om 11u aan de Vooruit.
Contact: Hendrik Van Steenbrugge, 0479/68.43.10
Actie Dampoort: Genoeg rondjes gedraaid!
Op zaterdag 12 december voerde Animo Gent actie aan de Dampoort. Een betere en veiligere Dampoort, we willen het al jaren. Wij zijn het beu dat o.a. de zwakke weggebruiker hieronder lijdt. Elk jaar vallen hier doden: onschuldige fietsers of voetgangers die deze rotonde betreden, maar er nooit meer levend af komen. Dit duurt nu al veel te lang.
U vraagt zich misschien af: “Waarom heeft de stad hier dan nooit iets aan gedaan?” Simpelweg omdat het stadsbestuur hier niets aan kan doen. Deze rotonde is een gewestweg en dus de bevoegdheid van de Vlaamse overheid. In plaats van het aan te pakken heeft zij het dossier jarenlang laten aanslepen. Jaar na jaar bleef alles in rondjes draaien, zonder dat er iets gebeurde. Vlaanderen steekt zijn geld liever in het Masterplan Antwerpen en een Lange Wapperbrug, een project waar de meerderheid van de Antwerpenaren tenslotte niets van moest weten. Een onpopulair prestigeproject was voor de mensen in Brussel blijkbaar net iets belangrijker dan een leefbaar en veilig Gent.
De oplossing is nochtans simpel: de Handelsdokbrug, een brug tussen de Muidelaan en de Afrikalaan en een viaduct tussen de Kasteellaan en de Koopvaardijlaan kunnen de Dampoort al voor een groot deel ontlasten van het verkeer.
Om Brussel wakker te schudden, voerden we actie. Samen met iedereen die een veiligere Dampoort wilt, werd gedurende een tiental minuten rondjes gefietst op de Dampoort. Ondertussen kregen wachtende automobilisten een flyer en een snoep.
PERS
- Het Laatste Nieuws
- De Standaard
- Editoriaal Karel Van Keymeulen deel 2
- Editoriaal Karel Van Keymeulen deel 1
- De Gentenaar
Standpunt: Dump de dagcontracten
Animo Gent vindt dat interimwerknemers recht hebben op ziekteverlof!

Griep, een zware verkoudheid, een pijnlijke rug of een gekneusde rib…het kan ons allemaal overkomen. Maar interimwerknemers die met dagcontracten werken, worden maar beter niet ziek.
Al hebben ze de ganse nacht boven het toilet gehangen of hoesten ze hun longen eruit. Doktersbriefjes doen er voor hen niet toe. “Neem een extra pijnstiller” raden de interimkantoren hen aan. Het is werken of loon verliezen.
Hoe komt dit? Dagcontracten worden pas achteraf opgemaakt. Indien de werknemer ziek wordt, maakt het interimbureau geen contract op. Zo simpel is dat. Sommige werknemers worden weken- zelfs maandenlang met dagcontracten tewerk gesteld.
Het systeem van dagcontracten ondergraaft de sociale rechten van de werknemer. animo vindt dat iedereen recht heeft op ziekteverlof, ook interimwerknemers! Dump de dagcontracten!
Animo wil dat:
- dagcontracten slechts in zeer uitzonderlijke situaties worden gebruikt
- contracten op voorhand worden getekend
Congres: De toekomst is aan ons 2! Hasselt
Zaterdag 4 april is het zo ver: dan komt de campagnecaravan van animo aan in Hasselt voor het slotcongres ‘De toekomst is aan ons’. Twee weken lang ging animo langs Vlaamse steden, ook Gent, met ons ontwerpprogramma om in debat te gaan met jongeren over allerhande maatschappelijke thema’s.
‘De toekomst is aan ons’ vindt plaats op zaterdag 4 april in Zaal Germinal te Hasselt (Cappucienenstraat). Wij starten (iets later dan eerder aangekondigd) om 12u30. Naast inhoudelijke stof tot discussie over ons programma brengen we ook ontspanning met Vitalsky. In de plenaire vergadering zal het finale programma worden gestemd. Met de gezellige lekkerbekken gaan we nadien iets eten en drinken. Afkomen is dus de boodschap!
Wie wil kan ook al vroeger aan de dag beginnen. Het Limburgse Generatie Pro 2012 verwelkomt de vroege vogels om 9u30 met een workshop tooggesprekken.
Het programma:
9u30: workshop tooggesprekken met Generatie Pro 2012
12u30: onthaal animo
13u00: openingsspeech (Bram Boriau)
13u30-15u00: commissies (met broodjes)
15u15-16u00: comedy met Vitalsky
16u15 -17u00: plenaire vergadering
17u15-18u30: drankje
19u00: Dinner
Inschrijven kan via info@animoweb.be.
Neem gerust een kijkje op de blog (http://www.caravantournee.blogspot.com/) voor sfeerverslagen van de caravantournee.
VERSLAG
Actie: Animo Gent wil jobkorting voor iedereen

De VLD is zeer trots dat de Vlaamse regering werkende mensen binnenkort een belastingvoordeel geeft van 250 tot 300 euro. Daarom is zij een campagne begonnen met volgende slogan: “Alle werkende gezinnen krijgen deze maand hun verdiende loon: tot 600 euro extra”. Dit belastingvoordeel heet ‘de jobkorting’. Het idee erachter: in het belang van onze welvaart moet iedereen aan het werk en daarom moet werken beloond worden.
De economische crisis en de talrijke ontslagen die daar uit voortkomen zijn de VLD blijkbaar ontgaan. Niemand is graag werkloos volgens ons. 90% van de mensen wil zich nuttig voelen en genoeg geld verdienen om alle kosten af te betalen, de kinderen te voeden en te kleden, enz…
Wij als socialisten zijn óók bekommerd om diegenen die net hun job verloren, om de zieken en om de gepensioneerden. Animo vindt dat iedereen en vooral de zwakkeren recht hebben op meer koopkracht in deze moeilijke tijden. Niet enkel de gelukkigen die jong en gezond zijn en werk hebben. We pleiten voor een verhoging van de uitkeringen, de pensioenen en de mimimumlonen. Dat is iets wat de federale regering moet doen.
De slogan van de VLD had even goed kunnen zijn: “Alle armen, werklozen gezinnen, gepensioneerden en zieken krijgen deze maand hun verdiende loon: nada”.
Actie: animo goes M4life
Op 19 en 20 december trok animo Gent een tentenkamp op n.a.v. M4life van Stubru. Het thema was vluchtelingen. We hielden debatten, organiseerden een kwiz en deden een nachtje door. De volgende dag konden we 1000 euro afgeven aan het glazen huis.
Actie: Tegen prijsverhoging Go pass
animo Gent ging flyeren tegen de verhoging van de prijs voor een Go pass, het door jongeren onder de 26 meest gebruikte treinticket. De vervoerskaart wordt 10% duurder en kost vanaf heden 51 euro.
Standpunt: Jobstudenten

Kader
animo merkt dat in het dossier van de studentenarbeid de populistische toon de laatste weken overheerst. Elke politieke formatie en jongerenformatie haastte zich om de nota Milquet af te schieten. In deze nota zou het aantal dagen waarop studentenarbeid (arbeid aan een zeer lage sociale bijdrage) mogelijk is, beperkt worden tot 30 dagen binnen de periode juli-augustus-september. Nu kunnen studenten twee maal 23 dagen studentenarbeid verrichten. 23 dagen binnen en 23 dagen buiten de vakantie.
De verschillende politieke jongerenbewegingen struikelden over elkaar heen om te verkondigen dat zij voor de studenten opkomen en vinden dat studentenarbeid moet uitgebreid en geflexibiliseerd worden. Zij stellen het hierbij voor alsof de studenten een aparte categorie in de samenleving zijn die alleen maar voor zichzelf opkomt. animo wil echter enkele kanttekeningen maken bij het hele dossier. Het is niet onze bedoeling te scoren, wel om te wijzen op enkele addertjes onder het gras bij een verdere uitbreiding van het aantal dagen waarop studentenarbeid mogelijk is.
Uitgangspunten en standpunten
Ten eerste vinden we dat in een rijke samenleving als de onze, studenten zich moeten kunnen concentreren op hun studies en alles wat daar rond hangt. Jongeren die moeten werken om hun studies te kunnen betalen, zouden gemakkelijker aan een toereikende studiebeurs moeten geraken. Zo lang hier geen regeling getroffen wordt, vinden wij het statuut van werkstudent waarbij je een hogere sociale bijdrage betaalt dan een jobstudent maar lager dan een reguliere werknemer, het best geschikt voor mensen die echt om den brode gaan werken.
Ten tweede beseffen we dat een rijk sociaal leven hebben wel wat geld kost en dat niet iedereen hopen zakgeld krijgt. De mogelijkheid om op een korte periode binnen de vakantie wat geld te sparen moet er dus zeker zijn zodanig dat jongeren gemakkelijk eens naar de film, het café enz.. kunnen. Wanneer jongeren nog meer willen verdienen om aan recreatie, gsm’s,… uit te geven, en zij dus ook buiten de vakantie willen werken, zijn wij echter van mening dat het dan ook de taak is van die student om een ‘eerlijke’ sociale bijdrage te betalen. Van ons mag iedereen werken. Maar dan wel iedereen tegen dezelfde sociale voorwaarden. Elke student zal ook ooit werkzoekend zijn, kinderen naar school sturen, ouder worden, misschien ziek worden,… Elke student zal waarschijnlijk ooit een beroep doen op de sociale zekerheid.
Ten derde wijzen wij als socialisten op datgene wat anderen niet zeggen. Studentenarbeid is in de eerste plaats voordelig voor de werkgever omdat een jobstudent gewoon een pak goedkoper is dan een reguliere werkzoekende. De werkgever draagt in mindere mate bij tot de sociale zekerheid en werklozen worden van de arbeidsmarkt geconcurreerd.
Wij verzetten ons tegen een systeem waarbij werkgevers de ene jobstudent kunnen inruilen voor de volgende. Studentenarbeid volledig vrij laten en flexibiliseren (50 dagen vrij te kiezen) zal net dat tot resultaat hebben. Waarom zou een supermarkt nog een lager geschoolde vrouw aannemen als die het hele jaar door, maand na maand een andere goedkope jobstudent kan inhuren.
Ons voorstel is het volgende: Studenten mogen binnen de vakantiemaanden werken als jobstudent en dit maximum 200 uur (=23 dagen) met een minimum van vier aansluitende uren per dag. Als je met uren ipv dagen rekent, verlies je geen dag studentenarbeid wanneer je eens een halve dag gaat werken. Buiten de vakantie werken kan, maar dan voor een beperkte termijn en een rechtvaardige sociale bijdrage.
Besluit
Organisaties die claimen op te komen voor de student en pleiten voor meer en flexibelere studentenarbeid proberen op een makkelijke manier te scoren, maar vertellen niet het hele verhaal. Zij vertellen er niet bij dat die zogezegde vrijheid voor de studenten vooral in het voordeel van de werkgevers speelt.
Wat zakgeld voor een I-pod is fijn. Maar een betaalbare gezondheidszorg, degelijk onderwijs en niet te vergeten toereikende studiebeurzen voor mensen die het financieel niet breed hebben, zijn nog veel fijner. Al deze zaken kunnen we enkel betalen mits rechtvaardige sociale bijdragen. Wij zijn ervan overtuigd dat de studenten van vandaag deze solidariteit belangrijk vinden. Daarnaast is het in hun eigenbelang dat er geen economische stelsels ontstaan waar zij drie jaar later zelf de dupe van worden: namelijk een economie gericht op goedkope arbeid die de sociale zekerheid uitholt.
Standpunt: 9-puntenplan Werk

Vóór de toetreding tot de arbeidsmarkt: een perfecte overschakeling van onderwijs naar arbeidsmarkt
Wanneer jongeren op de arbeidsmarkt komen, hebben ze voldoende startkwalificatie nodig waardoor ze klaargestoomd zijn om te beginnen werken. Het onderwijs is hierbij van cruciaal belang. Een optimale aansluiting tussen opleiding en arbeidsmarkt is dan ook essentieel.
1. De middelbare scholen: herwaardering TSO & BSO en aangepast onderwijsbeleid
Een (her)opwaardering van het TSO en BSO is noodzakelijk. En ook een aanpassing van deze netten: een deel van de lessen kan bijvoorbeeld in een bedrijf zelf worden gegeven. Daarnaast zijn ook meer individuele studiebegeleiding door het CLB en meer zorg voor infrastructuur & uitrusting nodig.
De verschillende onderwijsnetten moeten ook meer samenwerken, en de muur tussen de verschillende onderwijsnetten moet ook verdwijnen. Een veralgemeende eerste graad kan een stap zijn in de goede richting: een algemene opleiding in plaats van jongeren al meteen in hokjes te steken en het etiket ASO, BSO en TSO op te plakken. Deze aanpak heeft al zijn nut bewezen in de Scandinavische landen.
2. Samenwerking tussen onderwijs en arbeidsmarkt
Er moet niet alleen samenwerking tùssen de scholen zijn, maar ook samenwerking tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt, door afgestemde opleiding, voorbereiding en werkervaring.
Ten eerste moet er in het onderwijs meer aandacht zijn voor competenties als teamwork, communicatievaardigheden, probleemoplossend handelen en aanpassingsvermogen. Dit zijn eigenschappen die in een werkomgeving onontbeerlijk zijn, en een goede voorbereiding op die punten is dan ook noodzakelijk.
Maar laatstejaarsstudenten kunnen ook – verplicht – les krijgen over de verschillende begeleidende diensten en procedures die er zijn als men van de school komt. Dergelijke lessen worden al aangeboden door ABVV-Jongeren.
Werkervaring is een belangrijke bagage op de arbeidsmarkt, en een student kan dat perfect vergaren via stages. Daarom moeten er voldoende stage- en werkervaringsplaatsen zijn.
Maar dit alles wil niet zeggen dat scholen of universiteiten verlengstukken worden van de bedrijven: de onderwijsinstellingen moeten nog altijd hun onafhankelijkheid behouden. Evenmin mogen studenten louter goedkope werkkrachten worden.
De (eerste) toetreding tot de arbeidsmarkt: meer en beter werk voor meer mensen, via correcties door de overheid
1. Ja aan werk, neen aan discriminatie!
Werken is een basisrecht om te kunnen voorzien in zijn / haar basisbehoeften zoals eten, drinken en wonen. Iedereen moet dan ook mogen werken ongeacht geslacht, leeftijd of etnische of geografische afkomst.
De laatste tijd komen alsmaar meer voorvallen van discriminatie bij sollicitaties in het nieuws. De gevallen rond Feryn, Mailprofs (het interim-kantoor dat samenwerkt met Deutsche Bank) en T-Interim liggen nog vers in het geheugen. Er wordt door de bedrijven geklaagd omwille van een tekort aan arbeidskrachten, maar toch heeft men de kans om mensen te weigeren omwille van hun huidskleur?
Dit kan niet, en daarom dienen er correcties te gebeuren op de arbeidsmarkt. In Gent zijn er al diversiteitsplannen tussen de Stad en Volvo. Animo Gent wil dergelijke plannen uitgebreid zien naar bedrijven die totnogtoe blind zijn gebleven voor diversiteit. Indien zij ook open staan voor diversiteit, kan dit alleen maar zijn vruchten afwerpen.
Lokale overheden kunnen zelf ook een rol spelen: de stad Gent kan bijvoorbeeld zelf, als grootste werkgever in de regio, ervoor zorgen dat het aantal actieve werknemers van allochtone afkomst verhoogt. Nu is dat cijfer nog 149 actieven op in totaal 5.699 Gentenaars van allochtone herkomst. Dit kan uiteraard veel beter en kan omhoog gekrikt worden via promoties en acties gericht naar de allochtone bevolking. Op die manier worden ze overtuigd van de voordelen van een job bij de stad.
Dergelijke promoties en acties kunnen niet alleen bij allochtonen effectief zijn, maar ook bij andere zwakker en kansarme bevolkingsgroepen, zoals personen met een handicap, laaggeschoolden en laaggeletterden.
2. Activering van werklozen door overheden zelf
Bedrijven kunnen aangemoedigd worden om werklozen te activeren via een aantal andere correcties op de arbeidsmarkt. Door het juiste gehalte aan investeringen in grote publieke werken in de stad en de gepaste aanmoedigingen hiertoe kunnen ervoor zorgen dat de werkloosheid bij laaggeschoolden daalt. Zo kunnen uitbestedingen van grote bouwwerken aan bedrijven die veel laaggeschoolde werklozen te werk stellen hier al een fameus steentje toe bijdragen. Vervolgens moet werkgelegenheid gecreëerd worden via het onderhoud of de uitbating van deze investeringen.
3. Betere regulering van tijdelijke tewerkstelling en vakantiejobs en onbepaalde duur als einddoel
Veel jongeren hebben vermoedelijk al interim-werk moeten doen tijdens de eerste stappen op de arbeidsmarkt. Iemand met een interim-contract heeft meestal niet dezelfde rechten als iemand met een contract van onbepaalde duur: een arbeidsduur van gemiddeld 10 uur per week, totaal geen opleiding of geen loon voor de periode dat de werkgever afbelt. Animo pleit dan ook voor dezelfde sociale rechten en opleidingsmogelijkheden voor mensen met een interim-contract.
Een andere groep zijn jobstudenten. Al te vaak worden jobstudenten uitgebuit, werken ze voor een veel te laag loon of werken ze met een onduidelijk contract. Dit moet dringend veranderen door middel van meer arbeidsinspecties bij werkgevers die jobstudenten te werk stellen. Maar ook de school kan hier een rol in spelen door de rechten en plichten van jobstudenten mee te delen.
Tenslotte moet er meer gelijkheid zijn in de toewijzing van vakantiebons, want maar al te vaak gaan vakantiejobs naar familieleden of vrienden van werkgevers.
Een ander fenomeen zijn de zogenaamde IBO-contracten en / of tijdelijke contracten. De eindigheid van deze overeenkomsten is niet zonder gevolgen, want daardoor duurt de periode waarna jongeren eindelijk eens een contract van onbepaalde duur kunnen krijgen, langer. Bijkomend probleem: jongeren met dergelijke contracten worden gemakkelijker geweerd of krijgen aangepaste voorwaarden opgelegd bij het afsluiten van leningen. Hoe kan je nu een leven opstarten zonder zekerheid onder de vorm van een contract van onbepaalde duur? Tijdelijke contracten zoals IBO (Individuele beroepsopleiding) moeten dan ook zoveel mogelijk slechts een opstap zijn naar een contract van onbepaalde duur, en daar rechtstreeks toe leiden…
4. Startbanen, VDAB en Loopbaanwinkels
Naast correcties op de arbeidsmarkt kan de overheid ook nog een andere rol spelen: rechtstreeks door betere toegang te verlenen aan Startbanen en via de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling (VDAB).
Een jonge werkzoekende heeft het recht op passende informatie, kwaliteitsvolle begeleiding en opleiding, iets waarvoor de VDAB verantwoordelijk is. Het is langs de andere kant uiteraard ook aan de werkzoekende om de kansen die hem of haar worden geboden te grijpen, want anders wordt onherroepelijk ingegrepen in de werkloosheidsvergoeding.
De Werkwinkel moet zijn rol verbreden en verder gaan dan jongeren aan een baan helpen: het moet een echte Loopbaanwinkel worden. Jongeren dienen tijdens hun loopbaan ook constant begeleid te worden.
De VDAB moet ook het netwerk van Werkwinkels ook verder uitbouwen en dichter bij de werkzoekende zelf komen, als 1 loket.
Eenmaal op de arbeidsmarkt:
1. De werkvloer
Eens iemand werk heeft, is de kous daarom nog niet af. Wie werkt heeft, dient daar ook correct voor beloond te worden en moet die voldoende toegang krijgen tot opleidingsmogelijkheden, zowel wanneer de werknemer het bedrijf binnenkomt als tijdens diens loopbaan binnen dan bedrijf. De onderneming moet een lerende omgeving zijn met optimale ontplooiingsmogelijkheden.
Een ondernemer moet ook vertrouwen hebben in het kunnen van zijn werknemers en ruimte laten voor erkenning van verworven competenties (EVC). Elke werkgever zou dit moeten integreren in zijn development beleid.
2. Preventie van werkloosheid
Soms dreigt een jongere werkende ook in aanraking te komen met ontslag en daarop volgende werkloosheid. Maar dit dient zo veel mogelijk vermeden te worden. Daarom dienen bedrijven gestimuleerd te worden door jobrotatie, implacement via jobcoaches en outplacement.
Maar de werknemer kan ook vanuit overheidskant uit gewapend worden tegen externe wijzigingen als ontslag via opleidings- en begeleidingscheques.
3. Activering
Als het dan toch tot werkloosheid moet komen na een herstructurering moet een bedrijf de tewerkstellingskansen van de ontslagen werknemer bevorderen via proactieve HR en loopbaanontwikkeling.
Maar ook de Vlaamse overheid kan een rol spelen om de werkzoekende weer aan de slag te helpen, onder meer via begeleiding via de VDAB.
Sleutelbegrippen:
o Opleiding: Een aangepaste en goede vorming is essentieel, vóór en tijdens het de loopbaan. De opleiding vóór de loopbaan moet gericht zijn op het klaarstomen van de jongere qua capaciteiten en qua rechten en plichten. De opleiding op de arbeidsmarkt om de jongere kwalitatief te versterken.
o Bijsturing door de overheid: Minderheidsgroepen en zwakkeren moeten beschermd worden tegen discriminatie en vanuit verschillende hoeken worden gestimuleerd. Maar daarnaast moeten het interim-werk, de vakantiejobs en de tijdelijke contracten beter worden gereguleerd, wegens te veel misbruiken.
o Info en begeleiding door de overheid: Dit kan via zijn organen VDAB en Werkwinkel. Deze instellingen moeten voldoende informeren, opleiden en begeleiden, zowel voor als tijdens de loopbaan.
o Optimale arbeidsomstandigheden: Op de werkvloer gelden ook een aantal belangrijke regels: gelijk werk = gelijk loon, tevens een correct loon en maximale opleidingsmogelijkheden.
o Ontslag: Ontslag moet zoveel mogelijk worden vermeden via preventieve maatregelen, genomen door het bedrijf. Moet het er toch van komen, dan dient de ontslagen werknemer zoveel mogelijk begeleid te worden, zowel door het bedrijf als door de overheid.
Bronnen:
o Animo LAP 2006
o Boek: Rood Hapje
o Gimme gimme work, Magik
Interessante links:
www.abvv.be
www.magik.be
www.vdab.be
Standpunt: Interimsector rukt op
Samen met de vakbonden en sp.a maakt animo zich zorgen over de
misbruiken binnen de interimsector. Als socialisten blijven we op progressieve wijze streven naar een degelijke sociale bescherming voor elke werknemer. Al te vaak zitten socialisten in het defensief in het maatschappelijke debat rond werk en economie. Daarom lanceren we nu zelf onze speerpunten. Wat volgt is een stand van zaken van het debat omtrent de interimsector. Doorheen de tekst vind je onze standpunten terug. We hebben ze in de conclusie nog eens overzichtelijk op een rijtje gezet.
Wanneer is interimwerk wettelijk toegestaan?
Interimarbeid is enkel mogelijk mits overleg met de vakbondsvertegenwoordiging in het bedrijf. Het gebruik ervan moet ook telkens worden gemotiveerd. Dat kan op basis van drie motieven. Je ziet ook in hoeveel procent van de gevallen elk motief wordt gebruikt.
- de tijdelijke vervanging van een vaste werknemer (48,3%)
- de plotse vermeerdering van werk (49,4%)
- de uitvoering van uitzonderlijk werk (2,3%)
De laatste jaren zien we een sterke groei van het klassieke uitzendwerk. Maar ook binnen het kader van studentenarbeid en de dienstencheques is uitzendwerk een wijd verspreid fenomeen geworden.
Voor animo moet interimwerk herleid worden tot haar essentie: uitzonderlijk werk in uitzonderlijke situaties.
Wat zijn de nadelen van interimwerk?
De wettelijke bescherming van de interimarbeider schiet te kort en wordt in de praktijk met de voeten getart. Van interimarbeiders wordt een ongelooflijke flexibiliteit verlangd, maar wanneer zij ziek worden, moeten ze niet rekenen op ziekteverlof aangezien dagcontracten vaak achteraf worden opgemaakt. Interimmers bouwen in de praktijk geen anciënniteit op. Bij een collectieve sluiting zijn zij de eerste dupe. Zij werken in de laagste looncategorieën en contracten worden aangepast om feestdagen niet te moeten uitbetalen. Laten we ook eerlijk wezen: elke maandag moeten rondbellen om te schooien om een jobke is niet bevordelijk voor het eigen zelfbeeld en geeft mensen niet veel kans tot zelfontplooiing.
De wet moet worden toegepast, misbruiken aangepakt.
Interimarbeiders moeten gelijk behandeld worden.
Vakbonden moeten waken over de rechten van tijdelijke werknemers.
animo steunt de sp-a voorstellen voor een verdere regulering.
Wat wil sp.a hier aan doen?
animo was verheugd dat sp.a op initiatief van Hans Bonte en Meryame Kitir een aantal voorstellen indiende om interimmers meer rechten te geven. Het gaat om volgende voorstellen:
- Wie drie dagen van de week voor hetzelfde bedrijf werkt en diezelfde week ziek wordt, heeft recht op ziekteverlof.
- Wie in twee weken tijd drie dagen voor dezelfde baas heeft gewerkt, heeft recht op één betaalde feestdag als die binnen de week na de laatste werkdag valt.
- Interimkantoren die arbeidscontracten te laat opmaken, moeten gestraft worden.
- Wie in een periode van zestig dagen bij hetzelfde bedrijf heeft gewerkt, krijgt automatisch het statuut van een werknemer met een contract van onbepaalde duur. Tenzij het gaat om de vervanging van een vast personeelslid.
De voorstellen vonden echter geen meerderheid.
Waarom zijn de liberalen tegen een regulering?
Liberalen wijzen graag op de positieve aspecten van interimwerk. Zo is het aandeel niet-Belgen die tewerkgesteld zijn in de interimsector hoger dan hun aandeel in de actieve bevolking in de privésector. (14,2% en 8%) Wij vinden het schrijnend te moeten vaststellen dat er een circuit van zwak beschermde jobs bestaat waar vooral zwakkeren in de samenleving op aangewezen zijn. Maar is dat een reden om tegen een degelijke regulering te zijn? Nee, ook nieuwe Belgen hebben recht op degelijke sociale bescherming. Zo krijgen ook hun kinderen meer kansen op goed onderwijs waarmee die kinderen in de toekomst nog sterker op de arbeidsmarkt zullen staan.
Een tweede argumenent is dat interimcontracten in vele gevallen tot vaste jobs leiden. Als de opstap naar vast werk de meerwaarde is van interimarbeid, kunnen we niet anders dan concluderen dat diegenen die dit argument aanhalen ‘de vaste betrekking’ toch nog steeds de meest ideale vorm van tewerkstelling achten. Wie natuurlijk de hele tijd op de barricade staat te roepen om een verdere deregulering van de arbeidsmarkt, en dus meer interimjobs, zorgt er net voor dat er steeds minder goed beschermde jobs zijn.
De zelfverklaarde progressieven van de Open Vld verzetten zich tegen elke regulering van de interimsector. Zelden of nooit gaan liberalen in op de concrete problemen die zich voordoen in het interimcircuit. Doorgaans zetten ze op ideologische wijze een boompje op over flexibiliteit waarbij termen als ‘toekomst’ en ‘modern’ moeten doen vergeten dat zij de bazen vooral willen ontslaan van hun sociale verplichtingen t.a.v. de werknemer. Interimarbeiders betekenen voor de werkgever: minder sociale lasten, geen opzegvergoeding, minder administratie, enz…
Ook inzake studentenjobs wensen liberalen meer flexibiliteit. Ze stellen het dan voor alsof de studenten hier massaal om vragen en met het woordje ‘vrijheid’ trachten ze jongeren om de tuin te leiden. Uiteindelijk zijn studenten gewoonweg goedkoper voor de werkgever. animo denkt wel aan de studenten zelf. We moeten beseffen dat studenten die zelf financieel instaan voor hun studies ‘werkstudenten’ zijn die zwaarder worden belast dan ‘jobstudenten’. Werkstudenten die interims doen, weten het: in de zomer worden zij in een interimcircuit al gauw ‘weggeconcurreerd’ door de jobstudenten. animo kant zich dan ook ten stelligste tegen een uitbreiding van het aantal dagen waarin jobstudenten kunnen worden te werk gesteld. Er is een verschil tussen ‘moeten instaan voor je eigen onderhoud’, de werkstudenten, en ‘een centje bijverdienen’, de jobstudenten. Als we dan toch een evenwicht willen tussen vrije tijd en werk, moeten we de jeugd haar jeugd kunnen laten beleven en de jongeren laten focussen op hun studies. Van de jeugd wordt te vroeg verwacht dat ze meelopen in de consumptielogica. In een socialistische samenleving kan een mens zich ook op andere manieren verrijken.
Dat allochtonen aan de bak komen dankzij interimwerk is goed maar een goede bescherming is het recht van elke werknemer. We verzetten ons tegen een apartheid op de arbeidsmarkt.
animo wil geen uitbreiding van het aantal dagen waarop studentenarbeid mogelijk is. Dit ter bescherming van de financieel zwakkere ‘werkstudent’ t.o.v. de ‘jobstudent’.
De agenda van de interimsector
Interimwerk is voordelig voor het kapitaal maar de interimsector heeft ook haar eigen agenda en groeiplannen. Federgon is de federatie van de interimsector. Federgon wil ook een vierde motief nl. “selectie en aanwerving” en uitzendarbeid toelaten in geval van stakingen en in de openbare sector.
Het is al zo dat interimkantoren vaak functioneren als aanwervingsbureau’s voor de bedrijven, als een uitbesteedde personeelsdienst. Federgon wil nu dus een vierde motief vastleggen “selectie en aanwerving”. In de toekomst willen de interimkantoren eigenlijk alles wat niet de core-bussiness is van een bedrijf overnemen.
animo betreurt het nu al in de praktijk toepassen van het vierde motief en verzet zich tegen uitzendarbeid in het geval van een staking. Het stakingsrecht mag niet worden uitgehold.
animo is voor een sterke vakbondsbescherming en vreest dat deze in gedrang komt wanneer steeds meer delen van de personeelsdienst wordt uitbesteed aan de uitzendsector.
Evoluties
Ook de VDAB doet binnen het kader van het Jeugdwerkplan een beroep op interimkantoren. Jongere werklozen kunnen verplicht worden een tijdelijk contract te aanvaarden. De sector rukt ook op binnen het kader van de Individuele Beroepsopleiding. Een IBO is een opleiding binnen een bedrijf. De werkloze ontvangt dan nog steun van de overheid en blijft ingeschreven als werkloze. De werkgever betaalt een kleine vergoeding maar geen loon en leidt de werknemer op. Na een opleidingsperiode moet normaal een contract van onbetaalde duur worden aangeboden.
Voor animo kunnen al deze vormen bestaan zo lang de inhoud van deze jobs effectief matchen met het profiel van de jongeren en indien de jongeren effectief doorstromen naar een vaste job. Dagcontracten kunnen dus in geen geval.
Een ander fenomeen is dat van ‘invoeginterim’. Leefloners en langdurige werklozen krijgen een contract van onbepaalde duur bij een interimkantoor en worden afwisselend in allerlei tijdelijke banen tewerk gesteld. Een variant is het ‘poolen’: twee bedrijven die ‘pieken’ in een verschillend seizoen ‘verhuizen’ via een interimkantoor hun personeel van het ene naar het andere bedrijf.
Ziet u het al voor u:
alle bedrijven stoten hun personeelsdienst af, alles wat met vorming, de uitbetaling van lonen, enz… te maken heeft wordt door de interimsector gedaan en iedereen heeft een vast contract bij een interimkantoor dat de mensen inzet daar waar het kapitaal ze nodig heeft…. Oh boy.
Alles op een rij
Voor animo moet interimwerk herleid worden tot haar essentie: uitzonderlijk werk in uitzonderlijke situaties.
De wet moet worden toegepast, misbruiken aangepakt.
Interimarbeiders moeten gelijk behandeld worden.
Vakbonden moeten waken over de rechten van tijdelijke werknemers.
Dat allochtonen aan de bak komen dankzij interimwerk is goed, maar een goede bescherming is het recht van elke werknemer. We verzetten ons tegen een ‘apartheid’ op de arbeidsmarkt.
animo wil geen uitbreiding van het aantal dagen waarop studentenarbeid mogelijk is. Dit ter bescherming van de financieel zwakkere ‘werkstudent’ t.o.v. de ‘jobstudent’.
animo betreurt het nu al in de praktijk toepassen van het vierde motief ‘aanwerving en slectie’ en verzet zich tegen uitzendarbeid in het geval van een staking. Het stakingsrecht mag niet worden uitgehold.
animo is voor een sterke vakbondsbescherming en vreest dat deze in gedrang komt wanneer steeds meer delen van de personeelsdienst worden uitbesteed aan de uitzendsector.
De inhoud van interimjobs die de VDAB aanbiedt moeten effectief matchen met het profiel van de jongere.De jongeren moeten effectief kunnen doorstromen naar een vaste job.
Dagcontracten kunnen dus in geen geval.





































































